Het regisseren van de laatste levensfase

Het regisseren van de laatste levensfase

Boeken over rouwen zijn er genoeg. Maar nergens vond Aaktje Wouda een gids met tips voor de laatste fase. Die schreef ze dus zelf.

Een beetje een vreemde eend is Aaktje Wouda wel in de timmerclub. Toch denkt de 81-jarige Groningse er niet over haar liefhebberij op te geven. Ze timmerde tafels, kasten, een kamerscherm. En ook haar eigen doodskist voor straks. Vooral niet de rest van je leven in een hoekje zitten sippen als er een geliefde is overleden, vindt Wouda, wier partner in 2000 stierf. „Ga iets doen, je moet jezelf weer waarmaken.” Vanuit diezelfde gedachte schreef ze ook een boek. ’Doodeerlijk’ is een hulpboek bij overlijden.

De schrijfster, voormalig interniste in het Universitair Medisch Centrum Groningen, wil afspreken in het theehuis van de Groninger begraafplaats Selwerderhof. Dat theehuis krijgt de opbrengst van haar boek. Toen haar partner Wolter dood was werd Wouda er vrijwilliger.

Op een bepaald moment werd haar gevraagd of zij eens naar de huisbibliotheek wilde kijken. Wouda wijst op de houten boekenkasten vol boeken over hoe je moet rouwen. „Alleen maar rouwverwerking, maar nergens iets met praktische tips.” Terwijl er zo veel te regelen is na een overlijden en er minstens zo veel valt voor te bereiden. Wouda: „Schoonzoons en schoondochters, ik noem maar iets. Het zijn geen officiële erfgenamen. Maar met name schoondochters doen vaak enorm veel voor hun schoonouders. Ga naar de notaris als je hun iets wilt nalaten. Hetzelfde geldt voor stiefkinderen.”

Vijf jaar werkte Wouda aan haar boek – aanvankelijk op de computer van haar buurvrouw, omdat ze er zelf nog geen had. Ze liet zich bijstaan door juristen, fiscalisten, medici, dominees en een begrafenisonderneemster. Het resultaat is een schat aan informatie en tips. Over euthanasie, erfvolgorde en wat er allemaal in een testament moet worden vastgelegd, tot problemen bij het verdelen van een erfenis of wat te doen met de computer van een overledene. Maar ’Doodeerlijk’ is vooral ook een invulboek – met uitneembare bladen – om eigen wensen en ideeën over de laatste dagen van het leven, het afscheid en de zakelijke afwikkeling te noteren.

De schrijfster en haar man praatten altijd openhartig over de dood. De laatste jaren bezochten ze heel wat begrafenissen en crematies. „Dan reden we terug en zeiden tegen elkaar: Zo willen we het wel, zo willen we het niet.” Toen Wolter ongeneeslijk ziek bleek, bepaalden ze samen dat er een lunch moest komen na zijn crematie: „Veel van zijn vrienden kwamen van ver. Een kopje koffie en een plakje cake vonden we veel te karig.”

Wouda realiseert zich dat het niet iedereen gegeven is de laatste fase zo blijmoedig en zonder schroom te regisseren. Vandaar een hart onder de riem in het voorwoord van ’Doodeerlijk’: „U hoeft er niet tegen op te zien, het geeft u juist rust als alles, voor zover mogelijk, is ingevuld.”

Ze zegt niet in eerste instantie voor leeftijdgenoten te hebben geschreven. „In bejaardenhuizen willen ze er niks van weten. Daar hebben mensen een briefje in de kast liggen met wat er zo ongeveer moet gebeuren en daar laten ze het bij.” Jongere mensen wagen zich eerder aan het lezen en invullen van de bladzijdes, verwacht Wouda. Of ze doen het samen met hun oude ouders, ook prima. „De dominee had het boek op tafel gelegd om te zien hoe zijn dochters erop zouden reageren. De oudste van twintig bekeek het al heel serieus.”

„Mijn moeder, die lerares nuttig en vrij handwerken was, zei altijd: De voorkant van je werk moet net zo mooi zijn als de achterkant. Zo is het met het afhechten van het leven ook”, glimlacht Wouda die haar eigen zaakjes vanzelfsprekend tot in de puntjes regelde. „Het moet een beetje een verrassing blijven”, zegt ze, gevraagd naar details. Wel wil ze kwijt dat ze in elk geval pas een bijeenkomst wil een week of zo na de crematie. „Stop mij eerst maar in dat vuur.”

Haar zelfgemaakte kist, met het deksel van de kist van Wolter als bodem, heeft een klepje en een wieltjessysteem waardoor haar lichaam er zo uit kan rollen. „De kist zelf kan worden hergebruikt, bijvoorbeeld voor een dakloze die er zelf geen kan betalen.”

Doodeerlijk, doe-boek voor rond het overlijden, is verschenen bij uitgeverij Servo in Assen en te koop in de boekhandel. Het kost 19,50 euro.

Dingen die nu al geregeld kunnen worden
Tips uit ’Doodeerlijk’ over wat te doen voor je doodgaat:

Neem indien mogelijk bewust afscheid en wacht niet tot het niet meer mogelijk is.

Stel kwesties met familie of goede vrienden die niet uitgepraat zijn op schrift, met als doel duidelijkheid te verschaffen over uw inzicht en mening. Dit om een waardig afscheid en rouwverwerking van de nabestaanden mogelijk te maken.

Schenkingen op het sterfbed moeten 180 dagen voor het overlijden hebben plaatsgevonden om rechtsgeldig te zijn.

Wilt u niet gereanimeerd worden? Draag dan een niet-reanimatiepenning.

Draag zorg voor een duidelijk en bijgewerkt adressenbestand voor de rouwkaarten.

Zorg dat een eventueel aanwezige brandkast geopend kan worden.

Soms wordt jaren later nog een herinneringsadvertentie geplaatst. Beslis zelf of u dit wilt en deel dit op tijd mee.
Wanneer een naaste is gestorven
Tips uit ’Doodeerlijk’ over wat te doen als een naaste is gestorven:

Aangeven van overlijden van vader of moeder is het mooist als dat door een van de kinderen gebeurt. In de praktijk neemt de begrafenisondernemer het vaak voor zijn rekening.

De akte van overlijden moet vaker gebruikt worden, maak daarom meteen vijf kopieën.

Beschrijven van de lijdensweg van de overledene in de advertentie? Het is verstandig te bedenken of de overledene dit prettig gevonden zou hebben en of u dit zelf in de krant zou willen hebben. Pas ook op met geschreven beloftes aan nabestaanden in een advertentie.

Zorg ervoor dat tijdens de uitvaartplechtigheid het huis van de overledene bewaakt wordt.

Geen onverteerbare delen in de kist doen (bijvoorbeeld een computer met persoonlijke gegevens).

Bij een boedelverdeling moeten de schoonzonen en schoondochters niet aanwezig zijn omdat zij geen erfgenamen zijn en omdat het vaak ruzie veroorzaakt.

Boeken over rouwen zijn er genoeg. Maar nergens vond Aaktje Wouda een gids met tips voor de laatste fase. Die schreef ze dus zelf.

Lees het artikel ook wel bronvermelding genoemd

Advertisements

Eén reactie

  1. Citaat: Haar zelfgemaakte kist, met het deksel van de kist van Wolter als bodem, heeft een klepje en een wieltjessysteem waardoor haar lichaam er zo uit kan rollen. „De kist zelf kan worden hergebruikt, bijvoorbeeld voor een dakloze die er zelf geen kan betalen.” Einde Citaat. Een kist mag wettelijk NOOIT hergebruikt worden, weer iets wat U via Uitvaartvoorlichting Bolink te weten bent gekomen !!!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: